Sparen
U kunt uw pensioen aanvullen door te sparen. Dit kan door
periodiek een bedrag op een spaarrekening te storten, waar
u het geld vrij van kunt opnemen. Meestal geldt een hogere
rentevergoeding als u een spaarrekening neemt met een minimuminleg
en/of opnamebeperking. Ook is het mogelijk een bepaald bedrag
in een keer op een spaarrekening zetten. Omdat u het geld
voorlopig niet nodig heeft, kunt u het storten op een spaarrekening
met een vaste looptijd en een vaste rente (bv. depositorekening).
U kunt het geld dan niet vrij opnemen, maar het is mogelijk
dat u dan een hogere rente krijgt. De rentevergoeding is
meestal hoger naarmate de looptijd langer is. Er is ook
een mogelijkheid om via de werkgever te sparen middels premiespaarregeling
en spaarloonregeling. Deze spaargelden worden op een rekening
vastgezet en komen na vier kalenderjaren vrij. Het spaargeld
kan wel gebruikt worden om de premies van een levensverzekering
te betalen. Deze levensverzekering kan dienen als extra
aanvulling op het pensioen. Sparen heeft echter als groot
nadeel dat er inkomstenbelasting wordt geheven over de rente-inkomsten
van spaarrekeningen.
Beleggen
U kunt uw pensioen aanvullen door uw geld te beleggen. U
kunt beleggen in aandelen, obligaties, vastgoed en opties.
Dit kunt u individueel doen of collectief (met een groep
mensen). Collectief beleggen heeft als voordeel dat het
geld professioneel beheerd wordt en levert een kostenvoordeel.
U kunt ook beleggen in gemengde fondsen. Een gemengd fonds
is een mix van aandelen, obligaties en vastgoed en wordt
regelmatig aangepast aan de economische vooruitzichten.
Beleggen heeft als nadeel dat u een risico loopt. U kunt
immers nooit voor honderd procent zeker de toekomstige beurskoers
van waardepapieren bepalen. Het grote voordeel van beleggen
is dat u, als u het goed doet, meer rendement over uw vermogen
behaalt dan wanneer u hetzelfde bedrag zou sparen. Als het
risico hoger is, dan is het rendement vaak ook hoger. Het
meeste risico loopt u met aandelenfondsen, het minste risico
met obligatiefondsen.
Levensverzekering
Een mogelijkheid om te zorgen voor een onbezorgde oude dag
is het nemen van een levensverzekering. Er zijn verschillende
soorten levensverzekeringen. Bij het afsluiten moet worden
gelet op het gewenste tijdstip waarop de uitkering plaatsvindt;
verzekering bij overlijden en verzekering bij leven. In
het eerste geval wordt uitgekeerd bij het overlijden van
een verzekerde. Is deze verzekerde op de einddatum nog in
leven, bijvoorbeeld op 65-jarige leeftijd, dan wordt er
niets uitgekeerd. In het tweede geval wordt er uitgekeerd
indien de verzekerde nog in leven is op de einddatum, bijvoorbeeld
als de verzekerde 65 wordt. Indien de verzekerde sterft
voor deze einddatum wordt er niets uitgekeerd. Bij beiden
is dus niet zeker dat er uitgekeerd wordt. Een combinatie
van beide bovengenoemde vormen, een gemengde verzekering
genoemd, komt altijd tot uitkering. Daarnaast kan er een
indeling gemaakt worden naar de wijze waarop de uitkering
verstrekt wordt; ineens (kapitaalverzekering) of in termijnen
(renteverzekering). De te betalen premie voor een levensverzekering
kan op twee manieren betaald worden. Het bedrag kan in een
keer betaald worden (koopsompolis) of in de vorm van een
periodieke premie, bijvoorbeeld maandelijks (premiepolis).
Een aanvullend pensioen kan op dus verschillende manieren
verkregen worden Een populaire vorm is de lijfrenteverzekering.
Een lijfrenteverzekering keert periodiek (bijvoorbeeld maandelijks
of per kwartaal) uit indien een persoon op een bepaald tijdstip
(einddatum) nog in leven is. In geval van een extra pensioenvoorziening
is de einddatum het bereiken van de 60 of 65 jarige leeftijd.
De flexibele verzekeringen winnen meer terrein. Een voorbeeld
van een flexibele verzekering is de United Linked Verzekering.
Met een gedeelte van de betaalde premie gaat de verzekeringsmaatschappij
beleggen. De belegging is mogelijk in een aantal fondsen
of in een mix van de fondsen. Het is voor de verzekeringnemer
mogelijk te switchen tussen de aangeboden beleggingsmogelijkheden.
Overwaarde huis
De overwaarde van uw huis is het verschil tussen de waarde
van uw huis en de resterende hypotheekschuld. Dit verschil
kan ontstaan doordat een gedeelte van de hypotheek is afgelost
of door de stijging van de waarde van uw huis. U kunt de
overwaarde van uw huis op de volgende manieren vaststellen:
Taxatie: een nadeel van taxatie is dat het vrij duur is
Vergelijken: als er pas een vergelijkbare woning bij u in
de buurt is verkocht, dan kunt u nagaan wat die woning waard
is
Om de overwaarde van uw huis te benutten, kunt u een verhoogde
aflossingsvrije hypotheek afsluiten. Doordat u niet hoeft
af te lossen en de rente aftrekbaar is, blijven de maandlasten
beperkt. Met het geld dat vrijkomt kunt u na aftrek van
de financieringskosten een koopsompolis, lijfrenteverzekering
of beleggingsportefeuille aanschaffen. Een koopsompolis
is een levensverzekering waarbij de premie in een keer betaald
wordt. Bij een lijfrente wordt de premie periodiek, bijvoorbeeld
maandelijks betaald. Deze producten kunnen een goed rendement
opleveren door middel van koerswinst en dividend. Dit extra
rendement kunt u o.a. gebruiken voor een aanvulling op uw
pensioenuitkering of voor als u eerder wilt stoppen met
werken.
Of de rente van de nieuwe hypotheek aftrekbaar is, is afhankelijk
van waar u het geld voor gebruikt. Is het voor consumptief
gebruik, bijvoorbeeld voor het kopen van een auto of boot,
dan is de aftrekbaarheid beperkt. Bij verbetering van de
woning is de renteaftrek volledig. Bij beleggen of aanvullen
van het pensioen is de rente niet altijd volledig aftrekbaar.
Laat u dus goed informeren voordat u beslist uw overwaarde
te benutten.
|